Zalige onwetendheid

Mijn nieuwe brugklassers hebben hun eerste wiskundetoets achter de rug. Het viel de meesten niet mee. En hun docenten waarschijnlijk ook niet. Eén docent had na zijn proef- SO (schriftelijke overhoring) al de conclusie getrokken dat hij nog een paar lessen nodig had om de stof goed uit te leggen, in andere gevallen telt het eerste cijfer misschien niet, of maar gedeeltelijk, mee. Want om je middelbare schoolcarrière nou meteen met een 4 voor wiskunde te beginnen…

En ze werken hard, die brugklassers! Daar ligt het niet aan. Maar helaas moet ook ik in mijn praktijk weer constateren dat het met het rekenniveau van onze twaalfjarigen droevig gesteld is. Niets nieuws onder de zon hoor, want het is al jaren zo. Klein verhaaltje uit mijn dagen als docent op een middelbare school in Den Bosch: de wiskundedocent begon met de breuken. Een klein vingertje schiet de lucht in. ‘Zeg het eens, Joyce?’ ‘Nou meneer, volgens mij was ik die dag ziek toen onze juf dat uitlegde in groep acht.’ Oké. Het was nog jaren een sappig verhaal aan de koffietafel in de kleine pauze, maar eigenlijk heel droevig.

Zonder nu te vervallen in eigenwijsheden als: ik weet wel hoe het komt, is het bovenstaande wel een beetje kenmerkend voor de rekenproblemen van onze jeugd. Het wordt allemaal behandeld op de basisschool, maar er is geen tijd meer om het te automatiseren. En iedereen weet: oefening baart kunst. Er is natuurlijk ook heel veel kritiek op de rekenmethodes die tegenwoordig op de basisschool gehanteerd worden, maar de geleerden zijn het er niet over eens wat nu de beste aanpak is. Ik herinner mij dat onze oudste zoon (inmiddels 26) in groep 6 zat en op een middag thuis kwam met de mededeling: ‘rekenen is een makkie hoor. Het eerste getal van som in het rijtje is het antwoord op de som die er voor staat. Kwestie van overschrijven.’ Of dat nu zo’n goede rekenmethode was betwijfel ik.

Maar goed, aangezien ik meer geloof in oplossingen dan in mopperen over iets wat je op korte termijn toch niet kunt veranderen, volgen hier een paar raadgevingen voor ouders van kinderen in groep 7, groep 8 en de brugklas. Haal uw ‘ouderwetse’ rekenkennis van stal, stof het af en ga met zoon- of dochterlief aan het rekenen. Denk niet: dat hebben ze toch allemaal op de basisschool al gehad of krijgen ze op dit moment, wat kan ik eraan toevoegen. Nee, oefen! En liefst elke dag. Maak er een spelletje van. Saaie autorit naar Opa en Oma? Oefen de tafels. Regent het de hele zondag? Bak pannenkoeken en gebruik ze om de breuken uit te leggen. Snij die pannenkoek in drieën, een andere in vieren en kijk eens of u zo uit kunt leggen hoe je verschillende breuken toch kunt optellen. Door de grootste gemene deler te vinden… of de kleinste gemene veelvoud. Kent u die termen nog uit uw jeugd? Of werd tegen u ook al gezegd: ‘Schrijf 7/21 zo klein mogelijk?’ 7/21. Is dat klein genoeg of moet het nog kleiner? Wat een onzin (ik las de opdracht van de week in een wiskundeboek brugklas Havo/Vwo). Wat ze bedoelden is: zoek het grootste getal waar je zowel 7 als 21 door kunt delen.  Ja, en dan schrijf je natuurlijk 1/3 op.

Goed, conclusie van dit verhaal: reken met uw kind. En maak het leuk. Kijk om u heen, overal is materiaal voorhanden om het leuk te maken. In de keuken bij het koken (kilo’s, deciliters etc.), in de supermarkt (wat is duurder, een A merk in grootverpakking of een klein doosje van een B merk?). En stamp die tafels erin. Uw kind zal er straks blij mee zijn.

En lukt het niet? Dan kunt u altijd hulp vragen bij mensen die er verstand van hebben.

 

Artikel de uitstraling Blog
Adres
Burg. Verwielstraat 67

5062 CG Oisterwijk

Contact
06-40570172

Info@studiewijzeroisterwijk.nl

KvK
Ingeschreven bij de KvK

onder nummer 17241992